Kinderen

In veel overlijdenssituaties zijn in de directe kring van naasten ook kinderen of kleinkinderen aanwezig.

Foto van schilderende kinderen

Kinderen betrekken bij het afscheid

Ik vind het belangrijk om ook voor (klein)kinderen aandacht te hebben en ze zoveel mogelijk in een veilige omgeving van ouders en familie te betrekken bij het afscheid. Door ze te informeren in begrijpelijke taal, ze voor te bereiden op wat er gaat gebeuren en ze hierin ook iets te laten doen, bijvoorbeeld een kaars aansteken, bloemen dragen of (de deksel van) de kist beschilderen. Op deze manier hoeft de dood niet als iets engs ervaren te worden, maar als iets dat bij het leven hoort. Ik reik hiervoor informatie (brochure “De meest gestelde vragen over kinderen en de dood”, In de Wolken) en diverse kinderboeken aan.

"We zouden kinderen in het leven het vertrouwen moeten meegeven dat tranen worden gedroogd, niet voor altijd maar altijd weer", Manu Keirse

Foto van schilderende kinderen
Ik blijf altijd aan je denken
hoe je liep en hoe je lachte,
hoe je keek.
Ook je naam blijft altijd bij me,
want van jou is er geen tweede.
Uit: Als vlinders spreken konden, Yvonne van Emmerik

Een kind overlijdt

Het overlijden van een kind is een zeer ingrijpend gebeuren. Iets wat je als ouder of grootouder hoopt nooit te hoeven meemaken. Het zet de hele wereld op zijn kop. Dit geldt in alle gevallen, of een kind nu (heel) jong of wat ouder is, tijdens de zwangerschap, plotseling door een ongeval of na een ziekte overlijdt.

Voor mij is het van groot belang om de ouders in de rol van ouder-zijn te laten en niet alle zorg over te nemen. En hen juist daarin te ondersteunen en nabij te zijn. Met informatie over alle mogelijkheden rondom het afscheid en de voors en tegens daarbij, zodat de ouders de juiste beslissingen kunnen nemen. Door ruimte te laten om heel veel zelf te doen en door anderen rondom de ouders heen te betrekken bij dit afscheid, zoals broertjes en zusjes, grootouders, tantes en ooms, peuterspeelzaal of school.

Ik blijf altijd aan je denken
hoe je liep en hoe je lachte,
hoe je keek.
Ook je naam blijft altijd bij me,
want van jou is er geen tweede.
Uit: Als vlinders spreken konden, Yvonne van Emmerik